Een bak bami terug naar overzicht

Als sociaal werker organiseer ik samen met collega’s bijeenkomsten voor mensen met Niet Aangeboren Hersenletsel. Heftig? Soms. Maar vaak is het gewoon heel gezellig. De bezoekers kwamen zelf met de naam ‘NAH-tuurlijk gezellig’, en dat linkt veel luchtiger dan ‘lotgenotencontact’, ‘bijeenkomst voor getroffenen’ of ‘zelfhulpgroep’, toch?

Lekker koken

Tijdens een van de bijeenkomsten leerde ik een mevrouw kennen. Haar partner is ze een tijdje geleden kwijt geraakt en ze heeft een herseninfarct gehad. We praten wat en ze vertelt dat ze heel graag kookt. “Als er een feestje is, zorg ik voor de innerlijke mens. Ik kan misschien veel dingen niet meer doen, maar ik kan nog altijd goed koken”, zegt ze. Deze taak vervult ze dan ook met regelmaat en verve: wanneer er een feestje is, is ze de hele dag bezig met het bereiden van het eten. Maar mevrouw zou ook wel graag wat vaker erop uit gaan en nieuwe contacten opdoen. Ze heeft lieve kinderen die langskomen, maar dat is toch anders dan vriendschappen.

Niet uit het veld laten slaan

Samen met haar gaan we op zoek naar een meer zinvolle dagbesteding, maar al snel merken we dat dit organisatorisch en cognitief veel vraagt van mevrouw. Afspraken en mensen worden door elkaar gehaald, maar dat is niet zo gek na een herseninfarct.
Stel je voor dat je naar de kroeg gaat, omdat je denkt dat je afgesproken hebt met een vriend of vriendin. Je wacht daar, maar niemand komt. Wat blijkt? Je had afgesproken met een andere vriend, en dan ook nog eens n de bioscoop in plaats van de kroeg. Nou, zo voelt dat ongeveer.
Hoe bijzonder is het dat je je daardoor niet uit het veld laat slaan, zelfs ondanks het onbegrip vanuit de omgeving? Een collega die veel weet over NAH wordt ingevlogen en mevrouw blijft bezig om haar leven zelf vorm te geven.

Vragen stellen

Mevrouw en ik houden contact en ik mag haar af en toe een beetje helpen, waar nodig. “Je mag me altijd bellen als er iets is”, vertelde ik haar. “Dat weet ik toch, Sjef”, antwoordt ze. En dat blijft ze ook doen; van een tuinklus tot een vraag over het aanpassen van de woning. Alle vragen stelt ze, iets wat ook knap is. Want hoe snel hang jij aan de telefoon als jij iets niet kan of weet?

Steeds vaker lachen

Steeds vaker kom ik mevrouw tegen in afwisselend gezelschap en context, steeds vaker lachend. Het gaat de goede kant op, denk ik bij mezelf. Een week later zie ik haar weer. Ze komt met een lach naast me zitten, legt haar hand op mijn hand en zegt: “Ik wil je bedanken voor alles wat je altijd voor me doet”. En ze haalt een bakje zelfgemaakte bami uit haar tas.

Praktisch het verschil kunnen maken, mensen helpen zichzelf te helpen én momenten als deze maken mijn vak het mooiste vak dat er is.

Blogs van Sjef

Sjef van der Klein is verkozen tot Sociaal Werker van het Jaar 2018. Op onze website houdt hij een blog bij. Iedere twee weken kun je hier een verhaal van hem lezen. Meer lezen van Sjef? Volg hem via Twitter en Facebook.

facebook reacties