Zorgen zit in haar terug naar overzicht

Van 4 tot en met 10 juni was de Week van de Jonge Mantelzorger. Meer jongeren dan je denkt zijn mantelzorger. Zij worden vaak alleen niet als zodanig herkend; ze zijn 'onzichtbaar'. Stephanie van Gulik (30) was een van hen en wil haar verhaal vertellen.

Door: Ineke Schoones

Meestal fastfood

Voordat de fiets op slot staat, wordt de deur al geopend en volgt er een gastvrij welkom door Stephanie en de hond. “Mirza was de hond van mijn moeder, maar is nu meer van mijn vriend Stephan. Zitten ze daar samen in een stoel”, lacht Stephanie. Bijna acht jaar woont ze met haar vriend in Oisterwijk. Toen Stephanie twaalf jaar was, kwam ze erachter dat haar moeder psychisch ziek was. “Ze dronk veel en als ik uit school kwam, was ze vaak dronken. Ik bracht haar dan naar boven en wachtte tot vader thuiskwam. Op haar manier deed moeder het huishouden. Soms kookte ze; dat was gevaarlijk. Maar daar was ze dan niet vanaf te brengen. Meestal aten we fastfood. Toen ik zeventien jaar was, kreeg mijn moeder longemfyseem. Deze ziekte vroeg veel aandacht en voor ons gezin brak er een pittige periode aan. Het drinken werd minder. Moeder moest vaak naar het ziekenhuis in Nieuwegein en dan ging vader mee. Ze is daar vijf dagen opgenomen geweest en ik bezocht haar dagelijks. Dat heb ik als zeer intensief ervaren. Omdat moeder mager was en ze voldoende calorieën binnen moest krijgen, kreeg ze sondevoeding. In het begin kwam daar de thuiszorg voor. Samen met moeder heb ik het geleerd. Omdat vader overal doorheen sliep, moest ik vaak uit bed om de sondevoeding in orde te maken”, vertelt Stephanie. 

Neem genoeg tijd voor jezelf

Stephanie heeft zich door de verschillende instanties in de steek gelaten gevoeld. “Zij moeten meer aandacht schenken aan de jonge mantelzorger en signaleren. Gesprekken met hen alleen voeren omdat anders de ouders het vaak invullen.” Nu deelt Stephanie haar ervaringen met anderen en ze heeft wel een paar adviezen. “Aan jonge mantelzorgers wil ik zeggen dat ze genoeg tijd voor zichzelf moeten nemen en erover moeten praten met anderen. En aan de instanties: dat ze moeten luisteren naar de jonge mantelzorger, dat is zo belangrijk”, stelt ze.

Geen kind zijn

“Ik heb geen fijne jeugd gehad. Thuis was het niet prettig. Er was van alles aan de hand. Ik moest zorgen voor moeder en kon geen kind zijn. Alles draaide om thuis en om moeder. Ik ben ook geen puber geweest omdat ik constant aan het zorgen was. Tussen mijn vijftiende en zeventiende jaar heb ik een vluchtperiode gehad. Ik was constant aan het werk, ik had een baantje bij Amarant om thuis weg te zijn. Voor mijn gevoel stond ik er alleen voor. Vader was vaak aan het werk. Ik vond het normaal om te zorgen en kwam er achteraf pas achter dat het mantelzorg was. Moeder is zeven jaar geleden, toch nog vrij onverwacht, overleden. Ik heb haar de laatste hulp verleend en aangekleed. Daar kijk ik met een goed gevoel op terug", aldus Stephanie. 

Drie jaar lang aanmodderen

Leren ging Stephanie makkelijk af. Na de basisschool ging ze naar het vmbo. Vanwege de thuissituatie verliep dat niet glansrijk, maar het was te doen. Na het vmbo volgde Stephanie de opleiding sociaal-pedagogisch werk. “Ik wilde persoonlijk begeleider worden, ik had een beeld voor ogen om iets te doen voor anderen waarin ik mezelf herkende. In mijn studieboeken creëerde ik een soort tweede wereld, dan hoefde ik niet aan thuis te denken. Ik ben onderuitgegaan toen een klasgenootje overleed. Ik had haar als laatste gesproken. Ik dacht 'had ik haar maar langer aan de praat gehouden, dan was het ongeluk niet gebeurd'. Drie jaar heb ik aangemodderd, toen vond de school het beter dat ik stopte met de opleiding”, zegt ze. 

Ondersteuning en contact

Wil je als jonge mantelzorger ondersteuning? Neem hier een kijkje of neem contact met ons op.

facebook reacties